Terug naar alle blogartikelen
BUMA groenbemester dossier bladrammenas

Groenbemester bladrammenas

11 mei. 2026

Bladrammenas (raphanus sativus) wordt vaak gebruikt als groenbemester na een vroeg geoogst gewas. Voor het bestrijden van diverse aaltjes is het een uitstekend gewas. Door de snelle beginontwikkeling onderdrukt het de onkruidgroei en door de bloei is het aantrekkelijk voor insecten. Slakken kunnen wel sterk toenemen in bladrammenas.

Grondsoort

Kan op alle grondsoorten worden verbouwd.

Zaaiadvies

Bij gebruik als groenbemester is het zaaiadvies voor bladrammenas 20 – 50 kg / ha. De zaaidiepte is 2 tot 3 cm. De zaaiperiode is van begin mei tot half september. Let er bij late zaai op dat je een ras kiest met een snelle beginontwikkeling.

Aaltjes

Er zijn verschillende bladrammenas rassen die multi resistent zijn. Er zijn onderling ook verschillen in de mate van BCA resistentie.

Organische stof

Door de diepe beworteling en het grote aandeel groen loof kan de organische stof (OS) in de bodem worden verhoogd. Een volgende teelt kan hiervan profiteren. Bij bladrammenas is het advies om niet direct na het maaien of klepelen onder te werken, dit om te voorkomen dat de bladmassa als 1 dikke laag in de ploegvoor komt te liggen. De vertering gaat hierdoor minder goed.

Maaien

Bij vroege inzaai is het advies om te maaien of klepelen op een hoogte van 25 – 30 cm wanneer het gewas voor driekwart in bloei staat. Dit om zaadvorming en daarmee opslag in een volgende teelt te voorkomen. De bladrammenas loopt daarna opnieuw uit.

Nadelen

Bladrammenas heeft als nadelen:

  • vorstgevoelig
  • kans op sterke toename van slakken

Voordelen

Bladrammenas heeft de volgende voordelen:

  • snelle beginontwikkeling
  • goede onderdrukking van onkruid
  • diepe beworteling
  • meerdere aaltjes tegelijkertijd bestrijden

In onze blog Groenbemesters na de maïs staat een handig overzicht met de zaai adviezen per hectare van de verschillende groenbemesters.

Geschreven door Hielke Ouderkerken