Groenbemester Japanse haver
Japanse haver (avena strigosa) wordt veel gebruikt als eenjarige groenbemester in de akkerbouw, bollen en na de maïs. Door de snelle groei onderdrukt het de onkruidgroei en kan er in relatief korte tijd veel organische stof geproduceerd worden.
Grondsoort
Kan op alle grondsoorten worden verbouwd.
Zaaiadvies
Bij gebruik als groenbemester is het zaaiadvies voor Japanse haver 50 – 90 kg / ha. De zaaidiepte is 1-2 cm. Door de vorstgevoeligheid is de ideale zaaiperiode april tot en met eind september.
Aaltjes
Japanse haver wordt speciaal ingezet voor de bestrijding van de P. Penetrans (wortellesieaaltje). Het is echter wel een goede waardplant voor de M. Chitwoodi (wortelknobbelaaltje). Als bekend is dat deze aaltjes aanwezig zijn in het perceel, zoek dan een andere groenbemester als alternatief.
Organische stof
Door de diepe en intensieve beworteling van Japanse haver, zowel in de bouwvoor als de diepere lagen (tot 80 cm) wordt de organische stof (OS) in de bodem verhoogd. Een volgende teelt kan hiervan profiteren.
Onderwerken
De volgroeide japanse haver kan worden gemaaid en als mulch een bijdrage leveren aan de bodemstructuur.
Nadelen
Japanse haver heeft als nadeel:
- sterke vorstgevoeligheid
Voordelen
Japanse haver heeft de volgende voordelen:
- snelle beginontwikkeling
- hoge slagingskans
- massaal gewas
- diepe en intensieve beworteling
In onze blog Groenbemesters na de maïs staat een handig overzicht met de zaai adviezen per hectare van de verschillende groenbemesters.
